01:00

in juni is het donker nooit duister. ik wil vergeten dat morgen bestaat als alle zomeravonden zo zijn. je hand tegen mijn huid. je fiets aan de zijkant van de weg. onze stemmen in de stilte. ik denk dat alles bij elkaar zou passen, en toch kijken we elkaar aan en schudden we ons hoofd. want wat vertrouwd is kan je het beste bewaren. zodat we nog hetzelfde zijn als de zomer eindigt. dat ik nog steeds mijn hoofd op jouw schouder kan leggen en ik veilig thuis kom.

#150

you are good to me and it scares me. because I know myself and people that are good deserve strawberries from the market and ‘take cares’ and a hand to hold and I will make an effort you might not return the favor.

moving day

I’m moving out of my student home. My room of the past four years. A place of new beginnings and sudden endings. Never alone and never the same thing twice. Of music, noise and laughter. I’ve spent winters inside and summers outside. Rain and sunsets on the same balcony. The wildest moments. The sweetest memories. Nothing that a good talk couldn’t fix. Roommates, friends and lovers at the same time. And inevitably having to let go. I’ve grown in and out of this space. I’m older – and only a little bit wiser, but it’s time for a new adventure.

veranderen – 2

het is donkergrijs en ik kijk niet omhoog. zolang ik het onzekere niet zie zal het ook niet tegenzitten. het zal gaan stormen en ik zal weggaan en beiden zitten mij dwars. ik probeer door te gaan maar ook de wind werkt tegen. dus ik trap door – blijf stug volhouden. het zal stortregenen. de warmte weggevaagd. de herinneringen sterker dan ooit. het betrekt en klem mij vast aan de dingen die ik zeker weet.

veranderen

ik wil graag verdwalen in de storm. mijn haar wat voor mij gezicht waait. regen op een zomerdag. het onheilspellende gevoel dat het gaat veranderen. de onzekerheid in mijn linkerhand en volhouden in de rechterhand. ik klem mijn handen om het stuur en probeer een weg te vinden. een nieuwe kans en het gaat zo regenen en ik wil graag thuis schuilen. binnen komen en mijn naam horen. ik wil verdwalen in de storm en er beter uit komen.

zomerjas

de deur zwaait open en morgen gaan we voor het eerst zwemmen. er hangt verwondering in de lucht. we hebben het tot hier weer gehaald. de pollen prikken in onze ogen maar toch blijven we gewoon buiten zitten. alles gaat weer open en we herkennen hoe het voelt om aan de lente te beginnen. ik pak mijn zomerjas en voel in mijn zakken – maar sta opeens met lege handen in de gang. vorig jaar was er nog de verwachting dat ik jou mijn favoriete plek in de stad zou laten zien. dat we daar tot laat zouden zitten. dat we daarna overtuigd waren dat dit niet tijdelijk was. maar mijn favoriete plek werd een wachthalte. ik pulk aan de voering van mijn zakken en ik geef de pollen de schuld van mijn tranen.

onleesbaar

bij mij hoef je niet vaak tussen de regels door te lezen. eerlijkheid duurt bij mij het kortste en zeg liever alles dan dat ik de woorden bij mij draag. alleen bij jou blijf ik maar schrijven, en niks versturen, vul ik de regels tot ze bijna onleesbaar zijn omdat we weten van elkaar hoe het zit maar dat het nog steeds niet makkelijker maakt.